Leraar Latijn
Algemeen
Als Latinist, generatiestudent of niet, met een volledig curriculum Latijn SO achter de rug ben je voldoende overtuigd van de intrinsieke waarde van het vak, en van de rol die het heeft in de cultuuroverdracht en permanente persoonlijke vorming, bij jezelf en de leerlingen. De studie van de Oudheid – in zijn taal-, literaire en culturele aspecten - is een paradigma om over de eigen culturele omgeving kritisch te reflecteren.
Accenten Latijn
- Als vak uit de lerarenopleiding is er allereerst de systematische aandacht voor het didactische perspectief: hoe breng je bij starters en ‘groot-debutanten’ het Latijnse taaleigen, met zijn vocabularium, zijn typische flectie en concordantieregels op de meest efficiënte manier over, binnen het kader van een pas vernieuwde grammatica-opvatting (“valentiegrammatica”), een nieuw leerplan, en pas vernieuwde handboekseries; hoe leren we jonge leerlingen progresief Latijnse teksten ‘lezen’ en interpreteren; hoe integreren we voc., grammatica en antieke cultuur met lectuur van Latijnse teksten?
- Een goede didactiek berust op een stevige leerstofbeheersing, in casu een kennis van de Latijnse taal, een toegang tot de beschikbare vakliteratuur en een vlotte omgang met de actuele didactische media. Daartoe dienen – over 5 semesters gespreid – de lessen taal (grammatica, voc.) en lectuur (met analoge zelfstandige opdrachten) en vakdidactiek.
- Daarbij wordt er naar gestreefd om van de opleiding Latijn als geheel een levendig en afwisselend, maar intern sterk coherent geheel te maken, waarbij de leerlijn van de opleiding steeds in het vizier blijft, en de studenten weten wat wanneer aan bod komt, en waar een opdracht in past.
- De objectieven zijn ook uitdrukkelijk vakoverschrijdend: waar mogelijk worden crossreferenties naar andere moderne talen, geschiedenis en algemene cultuurgeschiedenis gemaakt, of worden uitdagingen in die zin gelanceerd. Dit in de hoop dat de toekomstige leerkracht dit zal imiteren in de eigen onderwijspraktijk.
- Grammatica en tekst worden, samen met didactiek, als drie parallelle cursussen aangeboden gedurende 5 semesters.
Uitdagingen en valkuilen
- Jezelf kunnen indenken in de leefwereld van een leerling, om een maximale aansluiting en efficiëntie van de didactiek te bereiken.
- Jouw persoonlijk verworven kennis en inzichten over Oudheid, taal, cultuur en geschiedenis ‘vertalen’ op leerlingniveau.
- Jouw persoonlijke gedrevenheid omzetten in een blijvende motivatie bij de leerlingen.
Persoonlijke kenmerken en vaardigheden
- Zin voor analyse en zelfstudie
- Belangstelling voor taal en literatuur, geschiedenis en cultuur, ook na de Oudheid (receptie!)
- Je hebt creatieve ideeën op het punt van leerstofaanbreng en werkvormen.