Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

De helft van de Relegemnaren trekt zich niets aan van het dorpsleven. Ook de verenigingen doen te weinig om hun horizon te verruimen, zegt een sociale studie van Katholieke Hogeschool Leuven.
'Een gemiste kans is dat de verenigingen nauwelijks samenwerken of hun agenda's afstemmen', aldus Marie Martens, onderzoekster KH Leuven.
Relegem was (naast Oudenaken, Sint-Laureins-Berchem, Langdorp, Kortenaken en Berg) een van de vijf Vlaams-Brabantse dorpen die eind 2008 door de KH Leuven werden geselecteerd om er een doorgedreven sociale studie te maken over het dorps- en verenigingsleven. In de vijf dorpen werden samen bijna 1.600 inwoners ondervraagd over hun betrokkenheid bij het dorpsleven. Voor Relegem ging het om 287 van de 1.500 inwoners. Opmerkelijk is dat de resultaten in de vijf dorpen sterk gelijklopend zijn.
'In Relegem is een op de vier inwoners actief in minstens één sociaal-culturele vereniging', zegt onderzoekster Marie Martens. '54 procent is actief in minstens één ander type vereniging, zoals sportclubs. De inwoners die actief zijn in het plaatselijke sociaal-culturele veld zijn vooral vrouwen, 40-plussers, kerkgangers en mensen die langer in het dorp wonen. Zij voelen zich het meest verbonden met hun dorpsgenoten en doen vaker aan vrijwilligerswerk, al zien ze samenwerking met allochtonen, homoseksuelen of mensen met een andere politieke overtuiging minder vaak zitten dan leden van niet-sociaal-culturele verenigingen.'
In Relegem zijn enkel de refter van de school en de pastorie beschikbaar als vergaderruimte, maar het onderzoek legt geen noodzaak bloot aan bijkomende lokalen. Volgens Martens telt Relegem nog vrij veel verenigingen in verhouding tot zijn aantal inwoners. 'Ondanks het belang van andere (sport)verenigingen en Brussel in de achtertuin houdt het verenigingsleven in het dorp vrij goed stand. Helaas is er weinig of geen jeugdwerk, waardoor er geen automatische doorstroom is naar verenigingen voor volwassenen. Het jeugdhuis en de Chiro zijn verdwenen en de jeugd blijkt vooral in Wemmel actief, waardoor die vaak verloren is voor het dorp.'
Het onderzoek leert ook dat de sociaal-culturele verenigingen nauwelijks nieuwkomers bij hun werking proberen te betrekken. Hoewel in Relegem 60 procent verklaart erg graag in het dorp te wonen, heeft bijna 50 procent in de praktijk geen enkele actieve band met het dorp.
'Een gemiste kans is dat de verschillende verenigingen nauwelijks samenwerken, bijvoorbeeld om agenda's af te stemmen of om samen activiteiten te organiseren', stelt onderzoekster Martens. 'De sociaal-culturele verenigingen zouden ook moeten samenwerken met de school, zoals de sportverenigingen dat met succes al doen. Ook de band met de oudercomités van de scholen kan beter. Die oudercomités draaien wel en daar zitten de mensen van 25 tot 40 jaar, waar het bij de verenigingen vaak aan ontbreekt. De sociaal-culturele verenigingen vragen ook meer ondersteuning van de gemeente Asse.'
Het Nieuwsblad, 12 juni 2010